Horeca



De natuur is mooi, maar je moet er wel wat bij drinken. Deze terechte woorden van de beroemde dichter Willem Kloos, nemen wij altijd ter harte. Inderdaad vormt de horeca een niet te verwaarlozen onderdeel van onze wandelingen. Het kersje op de taart, zeg maar. Ofwel het koekje bij de thee, de slagroom bij de koffie dan wel het takje peterselie op de tomatensoep.

We nemen de after-walk dan ook erg serieus. In de bezochte horecagelegenheid moet de Latte Macchiato geurend en goed zijn, de soep heet, de broodjes knapperig, de salades vers en de witte wijn koel. En dat allemaal niet te krenterig opgediend, binnen een niet al te grote tijdsmarge en voor een redelijke prijs. Tenslotte moet de bediening vriendelijk en correct zijn en moet er zonder gezeur kraanwater geserveerd worden. En dan ook nog blijven lachen als iedereen zijn of haar consumptie apart afrekent op een paar centen nauwkeurig.

Dat valt allemaal beslist niet mee. Toch lukt het in de meeste gevallen wél. Natuurlijk, een goede, aantrekkelijke geprijsde kaart helpt, evenals goed personeel.
Maar ook, we zijn graag geziene gasten! De vrolijk binnenkomende slakken toveren een glimlach op het gezicht van zelfs de meest sjagerijnige serveerster. En echt waar, de sprankelende energie die onze groepjes uitstraalt, leidt nogal eens tot onverwachte activiteiten bij de door ons aangestoken andere gasten. Zo werd onlangs een bejaarde man zó gegrepen door onze levenslust dat hij een handstand wilde maken op zijn barkruk. Tja, er zijn grenzen.

Wij beoordelen de horeca eerlijk en rechtvaardig. Er is ook zeker gelegenheid voor een herkansing mocht de koffie een keer slap geweest zijn of de slablaadjes verlept. Te kleine kopjes of te matig gevulde glaasjes wijn verdienen echter nooit een tweede kans. Koude omeletten ook niet. Kom op, we zijn tenslotte niet de eerste de beste!

Als Slakken zijn wij een wandelgroep. Maar het moet gezegd dat we vaak evenveel of zelfs meer tijd doorbrengen in de horeca dan aan de wandeling. Zóveel te bepraten, te lachen en te delen. Toegegeven, ook tijdens het lopen lukt dat ons wel, maar na afloop met z'n allen aan een lange tafel met lekkernijen maakt het gebeuren helemaal áf. Díe dag kan alvast niet meer stuk.




Schrijver: Karakol